Het woord “omvolking” als centraal begrip voor een nieuwe politieke beweging van Forum voor Democratie, Alternative für Deutschland en Rassemblement National
Onlangs deed zich in de gemeenteraad van een klein plaatsje in mijn geboorteland, Nederland, een gebeurtenis voor die grote consequenties heeft voor de Europese politiek. Ik doel op het verzet van de burgemeester tegen het gebruik van een bepaald woord door een lid van de gemeenteraad.
De burgemeester is Bouke Arends van de PvdA, een sociaal-democratische partij.
Het gemeenteraadslid is Jasper Van der Voort, politicus van een relatief nieuwe partij in Nederland die opkomt voor een revitalisering van de democratie en voor versterking van de nationale soevereiniteit. De partij van Van der Voort heet heel toepasselijk “Forum voor Democratie”. En het woord waartegen de burgemeester in opstand kwam, was “omvolking”.
De confrontatie vond plaats in de gemeenteraad van Westland, een gebied in het Westen van Nederland. Wat gebeurde er in de gemeenteraad in Westland?
Het raadslid Van der Voort van FVD werd daar door de burgemeester het woord ontnomen. Waarom? Omdat het raadslid in zijn toespraak een woord gebruikte dat de burgemeester vond dat ongepast was. Dat woord was “omvolking”. In het Duits: Umvolkung.
Burgemeester Bouke Arends (PvdA) kwam eerst met een waarschuwing: “U kunt het nog één keer noemen, maar dan ontneem ik u het woord.” Het gemeenteraadslid van Westland, Van der Voort, ging echter door: “Voorzitter, wij zijn tegen de omvolking”, zei het gemeenteraadslid. Prompt werd hem het woord ontnomen: “U bent het woord ontnomen”, zei de burgemeester.
Er volgde nog enig protest van het gemeenteraadslid, maar hij begaf zich terug naar de bankjes in de zaal. Hij had zijn politieke redevoering niet kunnen voltooien. Hem was het woord ontnomen.
Op zichzelf is het feit dat een gemeenteraadslid door de burgemeester het woord ontnomen wordt omdat een gemeenteraadslid volhardt in het gebruik van een bepaald woord nogal bijzonder. Wat ook bijzonder is, is dat het verzet tegen de term “omvolking” niet specifiek is voor de gemeente Westland. Overal in het land bestaat dezelfde weerzin tegen dat woord. Ook in de vergaderzaal van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, het nationale parlement van Nederland. Ik ga iets dieper in op dat “nationale verzet” tegen de term.
De confrontatie in het nationaal parlement over “omvolking”
Op 3 juli 2024 verzocht toenmalig Kamervoorzitter Martin Bosma een Kamerlid, Thierry Baudet, wederom van Forum voor Democratie, om het woord niet te gebruiken, omdat het “veel aanstoot” geeft. Hij formuleerde dat als een verzoek uit hoofde van de orde, niet als een verbod. Toen het Kamerlid vroeg: “Mag het woord ‘omvolking’ dan niet gebruikt worden in deze Kamer?”, antwoordde Bosma niet dat het verboden was, maar dat hij het “zeer op prijs” zou stellen als daarmee rekening werd gehouden.
Dit waren de letterlijke bewoordingen van de Kamervoorzitter:
“Meneer Baudet, nu gebruikt u het woord ‘omvolking’ in de zin zoals het gebruikt is en vorige week is afgekeurd in een motie die bij meerderheid is aangenomen. Ik zou u dus willen verzoeken om te handelen in lijn met die motie en daarvan af te zien.”
Baudet antwoordde daarop:
“Die motie is onverenigbaar met de grondwettelijke vrijheid van meningsuiting en die motie is dus van generlei waarde. Het staat de Tweede Kamer niet vrij om bij motie de grondwettelijke rechten van Kamerleden in te perken.”
Eenzelfde confrontatie zoals deze plaatsvond tussen burgemeester Arends en gemeenteraadslid Van der Voort had dus ook al plaatsgevonden tussen Kamervoorzitter Bosma en Kamerlid Baudet.
Later, in november 2025, kwam Bosma op de zaak terug. Hij maakte toen expliciet duidelijk dat er in de Tweede Kamer geen verboden woorden bestaan. Hij zei naar aanleiding van kritiek dat “omvolking” en “remigratie” verboden zouden zijn: “In de Tweede Kamer geldt vrijheid van meningsuiting en er zijn dus geen verboden woorden.”
Geheime diensten tegen de term “omvolking”
Ook de Nederlandse instituties op het terrein van de terreurbestrijding hebben een positie ingenomen rond de term “omvolking”. De term “omvolking” wordt door onder meer de AIVD (Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst) en de NCTV (Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid) vaak in verband gebracht met wat men noemt “een extreemrechtse complottheorie”. Dat gebeurt bijvoorbeeld in een bericht van de AIVD over “rechtsextremisme” uit 2023.
Zijn omvolkingstheorieën complottheorieën?
Dat laatste, namelijk dat het bij de “omvolkingstheorie” zou gaan om één theorie die bovendien een “complottheorie” zou zijn, is evident onjuist. Er is een serie van theorieën te onderkennen die bepaald geen irrationele complottheorieën zijn maar rationeel verantwoorde theorieën die zich beroepen op empirische voor iedereen te controleren gegevens. Alain Roy presenteert in zijn boekje Les Déclinistes: ou le délire du « grand remplacements » (2023) een aantal van die theorieën. Dat wil zeggen: de theorie van Renaud Camus, Alain Finkielkraut, Éric Zemmour, Mathieu Bock-Côté, Michel Houellebecq en Michel Onfray. Geen van deze theorieën gaat uit van een “complot”. Wel hebben deze theorieën gemeen dat de schrijvers zich grote zorgen maken over de demografische ontwikkelingen in Europese natiestaten en dat zij waarschuwen voor de diepgaande verandering van de nationale cultuur die deze veranderingen met zich meebrengen.
Ook Le grand remplacement ou la politique du mythe (2022) van Pierre-André Taguieff bespreekt een aantal van deze theorieën. Taguieff behandelt nog veel meer van deze theorieën dan Roy en op basis van deze twee boeken alleen al is het een raadsel dat de AIVD en het NCTV kunnen spreken van één theorie die dan ook nog een “complottheorie” zou zijn. De AIVD en NCTV leveren hiermee een bijdrage aan wat men tegenwoordig wel noemt “misinformatie” (het verspreiden van onjuiste informatie) of zelfs “desinformatie” (het verspreiden van onjuiste informatie in de wetenschap dat deze onjuist is).
Wat is omvolking?
Wat bedoelen diegenen die het woord “omvolking” willen gebruiken daarmee? Waar staat het voor? Volgens de burgemeester zou het woord “omvolking” getuigenis afleggen van “racisme”. Of dat daadwerkelijk het geval is, wilde de burgemeester echter niet toelichten. Het was zo. Geen discussie.
Van der Voort probeerde het nog met: “Maar wij, FVD, zijn TEGEN omvolking”. Maar daarmee had hij het woord “omvolking” weer gebruikt en dat was de basis om hem het woord te ontnemen.
Waarom mag dat woord niet worden gebruikt? Volgens de burgemeester omdat het “racistisch” zou zijn. Het is een “racistische term”, zegt hij. Maar Van der Voort ontkent dat. Volgens Van der Voort is de term “omvolking” nuttig om de demografische veranderingen in de samenleving aan te duiden. Iedereen kan constateren dat zich op de openbare weg tegenwoordig veel meer mensen met een migratieachtergrond bevinden dan ongeveer 20 jaar geleden. Hele buurten zijn veranderd wat de bevolkingssamenstelling betreft. In sommige buurten in Nederland is nauwelijks nog een autochtone bewoner te vinden. Wie kan dat ontkennen? Waarom daar moeilijk over doen? Wat is “racistisch” aan deze op zichzelf moeilijk te ontkennen trend? Dat was ook de achtergrond van een opmerking van Martin Bosma uit 2023 toen hij nog Kamerlid was van de PVV (en dus geen Kamervoorzitter). Tijdens een debat in 2023 zei Bosma: “Omvolking is geen theorie; het is gewoon gebeurd.” Kennelijk had Bosma als gewoon Kamerlid geen bezwaren tegen de term “omvolking”, maar als voorzitter van de Kamer wel.
Een verbod van een term is in strijd met grondrechten
Een probleem met het standpunt van de burgemeester van Westland die de term “omvolking” niet wilde horen, lijkt ook het volgende te zijn.
Allereerst is het censureren van de fractie van Forum voor Democratie moeilijk verenigbaar met democratie. Democratie geeft immers ook aan de oppositie recht van spreken. Het uitschakelen van oppositie komt dus neer op het uitschakelen van democratie. Aangeven dat de oppositie zich niet mag bedienen van bepaalde bewoordingen raakt aan de kern van de democratische vrijheid.
Ook is het optreden van de burgemeester in strijd met fundamentele grondrechten, zoals de vrijheid van gedachte (art. 9 EVRM) en art. 10 EVRM (vrijheid van expressie).
Zou niet het respecteren van democratie en de grondrechten prioriteit Nr. 1 moeten zijn voor een burgemeester? Hoe kan hij daar zo gemakkelijk aan voorbij gaan? De burgemeester zou ongetwijfeld antwoorden, als zich een debat over de kwestie had ontwikkeld (wat dus niet het geval was), dat het hem vrij staat de meningsuiting van raadsleden te beperken als zij dingen zeggen die evident “racistisch” zijn. Maar dat was nu juist het punt: Van der Voort heeft niets “racistisch” gezegd. Hij heeft ook niets “nazistisch” gezegd. De racisten of de nazi’s waren immers vóór omvolking, terwijl hij, en zijn partij Forum voor Democratie, is daar tegen. Van der Voort wilde dus een betoog ontwikkelen tégen de omvolking, en daarmee tégen de nazi’s, tégen de racisten. Waarom zou dat niet mogen? Zou de burgemeester daar niet eigenlijk heel blij mee moeten zijn?
Het O-woord en omvolking
Het niet gebruiken van een woord als “omvolking” en het tot taboe verklaren van het gehele onderwerp roepen ook nog een andere vraag op. Die vraag is: is het wel te doen? Of: is het praktisch haalbaar? Laten we er nu eens vanuit uitgaan dat Van der Voort bereid is het woord “omvolking” te vermijden in zijn toespraken. Hoe zou hij dan het verschijnsel dat hij wil aanduiden moeten noemen? Een alternatief zou dan zijn om te spreken van het “O-woord”. Dus naar analogie van het woord “neger” dat ook voor sommigen taboe is, is men gaan spreken van het “N-woord”. Zo kan je dat ook doen met “omvolking”. Van der Voort zou dan in zijn toepraak in de gemeenteraad tegenover de burgemeester en de mede raadsleden kunnen zeggen:
“Burgemeester en collega’s, wij van Forum voor Democratie hebben een grote afkeer van een verschijnsel dat ik wil aanduiden met het ‘O-woord’”.
Zou dat wel mogen? Strikt genomen kan de burgemeester hier geen bezwaar tegen maken. Het woord “omvolking” wordt immers niet genoemd. Maar de hele gedachtewereld achter het woord, het begrip “omvolking”, is natuurlijk nog steeds prominent aanwezig. Wie dus spreekt van het “O-woord” vestigt nog steeds de aandacht op een complex geheel van verschijnselen waarvan de burgemeester naar alle waarschijnlijkheid vindt dat het niet genoemd mag worden. Welke verschijnselen? Misschien is dit het moment die iets nader analyseren. Wat zijn de constituerende elementen van “omvolking”?
Eerste dimensie van omvolking: vervanging van het Europese volk
De kern van omvolking is het vervangen van de eigen bevolking door een andere bevolking. Omvolkingstheoretici zijn daarvóór. Tegenstanders van omvolking zijn daartégen. Die omvolking behoeft niet altijd met de term “omvolking” te worden aangeduid. Termen die op omvolking lijken zijn “grand remplacement” (R. Camus), “volksvervanging”, of “migration replacement”.
Het pleidooi pro omvolking begint doorgaans met de observatie dat de autochtone bevolkingen van Europese landen achterblijven in het produceren van nageslacht. Om een bevolking op peil te houden moeten de ouders 2,1 kind produceren. Gebeurt dat?
Dat gebeurt niet. De vervangingswaarde (“replacement level”) ligt in ontwikkelde landen op ongeveer 2,1 kinderen per vrouw. Dat cijfer is nodig om, zonder immigratie of emigratie, de bevolking op lange termijn ongeveer constant te houden.
Vrijwel alle Europese landen zitten daar inmiddels ruim onder.
| Land | Vruchtbaarheidscijfer (kinderen per vrouw) |
| Bulgarije | 1,72 |
| Frankrijk | 1,61 |
| Slovenië | 1,52 |
| Nederland | ca. 1,43 |
| België | ca. 1,45 |
| Duitsland | ca. 1,35 |
| Zweden | ca. 1,43 |
| Denemarken | ca. 1,47 |
| Italië | ca. 1,18 |
| Spanje | 1,10 |
| Malta | 1,01 |
| EU-gemiddelde | 1,34 |
Enkele Afrikaanse landen ter vergelijking
Alle landen in Afrika zitten ruim boven dat Europese gemiddelde van 1,34. In landen als Nigeria, Congo en Niger wel 5 keer zo hoog.
| Land | Vruchtbaarheidscijfer (kinderen per vrouw) |
| Tunesië | ca. 1,8 |
| Marokko | ca. 2,2 |
| Algerije | ca. 2,8 |
| Egypte | ca. 2,5 |
| Ethiopië | ca. 3,8 |
| Nigeria | ca. 5,0 |
| Democratische Republiek Congo | ca. 6,0 |
| Niger | ca. 6,7 |
Het povere EU-gemiddelde is voor Europese bureaucraten en voor vertegenwoordigers van de Europese midden-partijen een reden dan maar immigratie aan te moedigen. Men vult het tekort aan burgers in de EU dan aan met mensen uit andere delen van de wereld. Men kan ook zeggen: men vervangt het ene volk (het Europese) door een ander volk (met instroom vanuit bijvoorbeeld Nigeria).
Tweede dimensie van omvolking: verandering van de Europese cultuur
Elk land en ook elk volk heeft een eigen cultuur: een geheel aan waarden en normen dat de cultuur zichzelf als ideaal voorhoudt. Art. 2 van de Treaty on European Union formuleert de Europese waarden als volgt:
The Union is founded on the values of respect for human dignity, freedom, democracy, equality, the rule of law and respect for human rights, including the rights of persons belonging to minorities. These values are common to the Member States in a society in which pluralism, non-discrimination, tolerance, justice, solidarity and equality between women and men prevail.
In een enigszins gesystematiseerde vorm komt dat neer op:
1. Human dignity,
2. Freedom and equality,
3. Democracy, the rule of law, and human rights,
4. Pluralism, non-discrimination, tolerance, justice, solidarity, and equality between women and men.
Men kan ook zeggen dat de EU zich conformeert aan de idealen van de democratische rechtsstaat (“liberal democracy”).
Zijn alle culturen gelijk in hun streven een democratische rechtsstaat te realiseren?
Dat kan men niet zeggen. Niet alle culturen en ook niet alle staten ambiëren het de idealen van de democratische rechtsstaat te realiseren. In Iran heeft men bijvoorbeeld niet de ambitie een democratische rechtsstaat volgens het model van art. 2 TEU te ontwikkelen. Wat wil men dan wel? Men wil een theocratie. Die theocratie is niet gebaseerd op de gedachte dat menselijk recht de basis moet vormen voor de politieke orde, maar het recht van God (sharia). De ambitie om de sharia overal ingang te doen vinden is kenmerkend voor een groep van mensen die wel worden aangeduid als “jihadisten”. Zoals Aynaz Anni Cyrus beschrijft in haar boek The Architecture of Jihad: inside the Ideology, Law, and Global Strategy Driving Islam’s Multi Front Expansion (2026) is jihad een enorm drijvende kracht in de wereld van vandaag. Niet alleen in Iran. Niet alleen in Pakistan. Niet alleen in de wereld van het Midden-Oosten. Maar ook in Europa en in de Verenigde Staten van Amerika. Het boek van de christelijke missionaris Peter Hammond, Slavery, Terrorism and Islam: The Historical Roots and Contemporary Threat (2010), is gewijd aan hetzelfde thema als het boek van Cyrus, maar Hammond gaat uitvoerig in op de jihad binnen Afrikaanse landen. Waaronder Nigeria waar hij jarenlang missie heeft bedreven. Hammond geeft een ooggetuigenverslag van de gewelddadige jihad die door islamisten gevoerd wordt tegenover de christenen die erop neerkomt dat in feite de christenen worden uitgemoord.
Nu de vraag wat dit betekent voor omvolking. Voorstanders van omvolking houden geen rekening met de culturele verschillen die bestaan tussen landen en zelfs hele culturen. Zij zullen bijvoorbeeld zeggen dat als iemand in Nigeria zich beroept op een vluchtelingenstatus om in Europa toegang te krijgen, het verschil in cultuur tussen het Europese land en Nigeria (sterk jihadistisch georiënteerd) geen rol mag spelen. Tegenstanders van omvolking vinden dat dit cultuurverschil zeer relevant is en dat het ook een rol mag spelen over de toegangsverlening tot het Europese land. Niet alleen mag, maar zelfs moet. Het toelaten van mensen uit landen waar jihad een onderdeel is van de nationale cultuur komt neer op zelfmoord. Je laat dan immers in het Europese land mensen toe die de cultuur van dat Europese land zullen ondermijnen. Je kan het ook zo formuleren: wanneer je in een democratie veel mensen toelaat die de principes van de theocratie zijn toegedaan, zullen democratieën veranderen in theocratieën. Een ontwikkeling zoals deze zich heeft voorgedaan in Iran in 1979, toen door middel van een revolutie de jihadistische theocratie aan de macht kwam, wordt dan ook in Europese landen een mogelijkheid.
Derde dimensie van omvolking: islamkritiek
Een derde punt waarop de voorstanders van omvolking het oneens zijn met de tegenstanders van omvolking is op het punt van de waardering van de islam. Ik ging hierop al in toen we spraken over Nigeria. In Nigeria wordt een verwoede strijd gevoerd tussen jihadisten en christenen over wie het land mag besturen. Men kan als toeschouwer bij die strijd niet onverschillig blijven. Wanneer jihadisten die strijd winnen, wordt in Nigeria een nieuw Iran gevestigd: een jihadistische staat. Dat zou rampzalig zijn. Waarom rampzalig? Omdat het jihadisme een cultuur vestigt die rampzalig is. Omdat het een einde maakt aan democratie, rechtsstaat en mensenrechten. En die cultuur, de cultuur van democratie, rechtsstaat en mensenrechten, houdt de mens meer in ere dan jihadisme.
Dit is wat wordt uitgelegd in het aangegeven boek van Peter Hammond, maar ook in Boualem Sansal’s Gouverner au nom d’Allah: islamisation et soif de pouvoir dans le monde arabe (2013). Of in: Sylviane Agacinski’s Face à une guerre sainte (2022). Of in: Hamed Abdel Samad’s Islam: Eine kritische Geschichte (2023).
Vierde dimensie van omvolking: planning
Een vierde dimensie van de omvolkingsdiscussie heeft te maken met de vraag of de omvolking het resultaat is van een spontane ontwikkeling dan wel van planning. Sommige tegenstanders van omvolking hebben gewezen op planning. Dat doet bijvoorbeeld BatYe’or in haar boek Eurabia: The Euro-Arab Axis (2006). Volgens BatYe’or ontwikkelt Europa zich in de richting van wat zij noemt Eurabia. Eurabia is een appendix van de Arabisch/Islamitische wereld. Eurabia is fundamenteel anti-christelijk, anti-westers, anti-Amerikaans en anti-semitisch. De omvolking is het product van planning door de Europese bureaucratie.
Er zijn echter ook tegenstanders van omvolking die planning ontkennen. Een voorbeeld daarvan is Renaud Camus. Camus is de schrijver van Le Grand Remplacement (2011) of “de grote vervanging”. De kern van Camus’ stelling is dat de oorspronkelijke Europese bevolking geleidelijk wordt vervangen door immigranten, met name uit Afrika en de islamitische wereld, als gevolg van:
- massale immigratie;
- lage geboortecijfers onder de autochtone bevolking;
- hogere geboortecijfers onder sommige immigrantengroepen;
- en volgens Camus een bewuste of althans geaccepteerde politiek van de politieke en culturele elites.
Camus heeft zijn ideeën verder ontwikkeld in La Destruction des Européens d’Europe (2024) en in Enemy of the Disaster: Selected Political Writings of Renaud Camus (2025).
De “planning” wordt bij Camus veel minder zwaar aangezet dan bij BatYe’or. De Europese veiligheidsinstanties (waaronder in Nederland AIVD en NCTV) zijn echter erg gebrand op het afwijzen van de omvolkingstheorie als een “complottheorie”, omdat zij menen dat het element van de planning niet bewezen zou kunnen worden. Althans, zij zeggen dat dit hun motief is.
Veiligheidsdiensten als onderdeel van regeringsbeleid
Paradoxaal genoeg bevestigen die veiligheidsinstanties daarmee het vermoeden van planning door de Europese bureaucratie. Immers veiligheidsdiensten functioneren als onderdeel van regeringsbeleid. Veiligheidsdiensten doen geen onafhankelijk academisch onderzoek. Veiligheidsdiensten doen ook geen onderzoek naar de omvolkingstheorie op basis van een serieuze bestudering van de boeken van BatYe’or, Camus, Zemmour, Sarrazin of welke andere auteur dan ook die met omvolkingstheorie wordt geassocieerd. Veiligheidsdiensten recyclen de clichés die over het werk van de aangevoerde auteurs de ronde doen. Waarom? Waarschijnlijk omdat de Europese regeringen nog steeds geen dam willen opwerpen jegens de ongebreidelde immigratie en het asiel. Partijen die dat wel willen, zoals PVV en FVD in Nederland, Alternative für Deutschland van Alice Weidel in Duitsland en het Rassemblement National van Marine Le Pen in Frankrijk worden op twee manieren gediskwalificeerd. Allereerst door deze partijen te diskwalificeren als zijnde in de ban van een irrationale manier van denken: die partijen zouden namelijk geloven dat Europese elites een complot hebben ontwikkeld om de immigratie doorgang te laten vinden, terwijl daar natuurlijk helemaal geen sprake van is. Als tweede is de klacht over PVV/FVD, AfD en RN dat deze partijen “extreemrechts” gedachtegoed verspreiden.
Nu staat de term “extreemrechts” voor gedachtegoed dat geweld niet afwijst. De term “extreemrechts” heeft de connotatie van “nazistisch” en “fascistisch”. Geen enkele kwalificaties is zo desastreus als die van nazisme of fascisme. Wanneer het dus lukt om met succes het etiket “nazistisch” of “fascistisch” op een bepaalde partij te drukken dan is die partij daarmee zwaar gestigmatiseerd. Het zijn vooral extreemlinkse agitoren die van dat aanwijzen van “extreemrechtse” partijen en auteurs hun specialisme hebben gemaakt. Maar de extreemlinkse diskwalificatie laat ook zijn sporen na bij de middenpartijen en ook bij de geheime diensten die tenslotte onder controle staan van die middenpartijen. Zo worden ook omvolkingstheoretici graag in verband gebracht met “extreemrechts”.
Zal het gaan lukken partijen als PVV en FVD in Nederland, Alternative für Deutschland in Duitsland en het Rassemblement National zodanig te stigmatiseren dat fatsoenlijke mensen daarop niet durven te stemmen? De tijd zal het leren. In ieder geval denk ik dat de pogingen om de term “omvolking” als term uit het politieke en maatschappelijke discours te verbannen moeten worden gezien tegen de achtergrond van de hier geschetste discussie. Ik denk eerlijk gezegd dat het de middenpartijen niet zal lukken de term “omvolking” te diskwalificeren. Er zijn ook al teveel auteurs die zich van die term bedienen. Het is ook een op zichzelf nuttige term. Het duidt een complex van onderling samenhangende factoren aan, zoals blijkt uit mijn analyse van de vier dimensies van omvolking. Dat ook de nazi’s zich van die term hebben bediend kan geen belemmering zijn. Immers de nazi’s waren vóór omvolking. Zij gebruikten dit als tactiek voor de germanisering van Oost-Europa.
Onder het plan dat bekend staat als Generalplan Ost wilden de nazi’s grote delen van Polen, Oekraïne, Belarus en Rusland koloniseren met etnische Duitsers. Daarvoor zouden miljoenen Slavische inwoners worden verdreven, tot dwangarbeid worden gedwongen of sterven als gevolg van honger, geweld en deportatie. Het doel was de gebieden etnisch Duits te maken.
Na de bezetting van Polen werden honderdduizenden Polen uit hun huizen gezet. Hun woningen en boerderijen werden toegewezen aan Duitse kolonisten. Tegelijkertijd werden volksduitsers uit andere delen van Europa naar deze gebieden overgebracht.
Ook aan de holocaust zat een omvolkingsaspect. De systematische vervolging en vernietiging van de Joodse bevolking was niet alleen genocide, maar veranderde ook de demografische samenstelling van grote delen van Europa. In veel steden en regio’s verdwenen eeuwenoude Joodse gemeenschappen vrijwel volledig.
Tot slot
We zijn begonnen met de Nederlandse burgemeester die de term “omvolking” verbood en aan een gemeenteraadslid het woord ontnam toen deze volhardde in het gebruik van die term. Niet alleen is het weinig waarschijnlijk dat het de burgemeester en diegenen die zijn overtuiging delen zal lukken de term “omvolking” tot taboeterm te verklaren, het is ook onwenselijk. De omvolking die daadwerkelijk plaatsvindt verdient een naam. Ook de processen die bij de ongebreidelde immigratie en asielverlening een rol spelen verdienen nadere analyse. Het werk van de omvolkingstheoretici (Camus, BatYe’or, Zemmour en Sarrazin) dient daarbij leidend te zijn.
Ook is de term “omvolking” van belang voor nieuwe Europese partijen die men als radicaal rechts (niet “extreemrechts”) zou kunnen aanduiden: Forum voor Democratie, Alternative für Deutschland en Rassemblement National. Verzet tegen omvolking is wat deze partijen gemeenschappelijk hebben. En daarmee dus ook verzet tegen een praktijk die door de nazi’s werd gehanteerd. Ook om die reden is het dus absurd deze radicaal rechtse partijen als nazistisch te diskwalificeren.
Literatuur
Abdel-Samad, Hamed, Islam: Eine kritische Geschichte, DTV, München 2023.
Agacinski, Sylviane, Face à une guerre sainte, Seuil, Paris 2022.
BatYe’or, Eurabia: The Euro-Arab Axis, Fairleigh Dickinson University Press, Madison, Teaneck 2006.
Camus, Renaud, Enemy of the Disaster: Selected Political Writings of Renaud Camus, Vauban Books 2025.
Camus, Renaud, La Destruction des Européens d’Europe, Independently published 2024.
Cyrus, Aynaz Anni, The Architecture of Jihad: inside the Ideology, Law, and Global Strategy Driving Islam’s Multi Front Expansion, Live Up to Freedom, USA 2026.
Hammond, Peter, Slavery, Terrorism and Islam: The Historical Roots and Contemporary Threat, Xulon Elite Press, United States of America 2010.
Roy, Alain, Les Déclinistes ou le délire du “grand remplacement”, Les Éditions Écosociété, Paris 2023.
Sansal, Boualem, Gouverner au nom d’Allah: Islamisation et soif de pouvoir dans le monde arabe, Gallimard, Paris 2013.
Sarrazin, Thilo, Deutschland schafft sich ab: Wie wir unser Land aufs Spiel setzen, 2. Auflage, Deutsche Verlags-Anstalt, München 2012 (2010).
Sarrazin, Thilo, Feindliche Übernahme: Wie der Islam den Fortschritt behindert und die Gesellschaft bedroht, FinanzBuch Verlag, München 2018.
Taguieff, Pierre-André, Le Grand Remplacement ou la politique du mythe, L’Observatoire, Paris 2022.
Paul Cliteur is de schrijver van The Secular Outlook: A Defense of Moral and Political Secularism (2010): https://t1p.de/qu4if


