Door: Tomas Kok
Ze zeggen dat dronken mensen de waarheid spreken, maar wie het nog kon opbrengen om te kijken naar de podcast van Maarten van Rossem en zichzelf daarmee blootstelde aan de antisemitische drek die hij uitkraamde op 7 oktober, weet inmiddels beter. Het hoopvolle alternatief dat dronken mensen weliswaar de waarheid niet in pacht hebben, maar op zijn minst nog grappig zijn, heeft hij in diezelfde uitzending ook naar het rijk der fabelen verwezen.
Uiteraard kun je je afvragen waarom iemand überhaupt nog naar die zure predikant zou luisteren, tenzij het is vanuit de behoefte aan een soort Oprah-effect, waarbij je eigen leven iets minder mislukt lijkt wanneer je de verdere aftakeling aanschouwt van het vergane gebrek aan glorie van de nog veel grotere mislukking die van Rossem is.
Pseudo-intellectueel populisme
Wellicht is een dergelijk gebrek aan kijkers die hem serieus nemen, de reden dat hij, als de oppervlakkige populist die hij is, groots uitpakte met het herhalen van een goedkope complottheorie over de gruwelen van 7 oktober, op de dag dat mensen met een gezonder moreel kompas stilstaan bij het kwaad dat zich die dag voltrok.
Dat klinkt tegenstrijdig, en dat is het ook. Het is iets wat pseudo-intellectuelen vaak doen: ze zeggen iets dat zó dom is, dat niemand begrijpt waarom ze het zeggen. Daaruit kunnen ze dan voor zichzelf concluderen dat ze dingen weten die anderen niet begrijpen, en dus dat het iets slims geweest moest zijn. Voor voorbeelden verwijs ik de lezer naar D66.
Het kan daarentegen ook zo zijn dat we het allemaal overanalyseren en dat de oorzaak simpelweg ligt in alzheimer of korsakov.
Een optimistische blik op al dat pessimisme
Van fouten kunnen we leren, dus hoe naïef het ook moge klinken, er moet hier ergens een wijze les verborgen liggen. Laten we kijken of we die kunnen ontrafelen.
De eerste boodschap die zich aandringt, komt in de vorm van de voor de hand liggende waarschuwing dat alcoholisme en zelfoverschatting problemen zijn die we heel serieus moeten nemen.
Daarnaast is het duidelijk dat je de giftige cocktail die deze problemen samen vormen juist niet serieus moet nemen, bijvoorbeeld door deze te interviewen op de achterbank van een auto.
Toegegeven, dit is meer een open deur dan een wijze les. Het levende bewijs heeft zichzelf al gegeven als de materiële belichaming van de zure oprisping die Maarten van Rossem is, en daar valt verder niets zinnigs aan toe te voegen.
Als je hem zo hoort zeiken vanaf de achterbank, terwijl je je afvraagt of hij nu te oud is om zich nog enigszins fatsoenlijk uit te drukken of dat hij juist te onvolwassen is om er überhaupt iets zinnigs uit te kunnen krijgen, denk je snel bij jezelf: je zou dat fossiel een gevoel voor humor gunnen.
Daar zit zeker iets in, want een gebrek aan humor is exact zijn probleem. De gezonde relativering van wat zelfspot zou hem goed doen, en als je niet om jezelf kunt lachen, ben je inderdaad niet leuk. Ook dat punt heeft hij zelf al gemaakt.
Sta mij bij deze, ondanks dat hij verder niet veel te denken geeft, toch een bescheiden poging tot een filosofische reflectie toe, in de optimistische hoop dat we ondanks alles toch iets van betekenis kunnen halen uit zoveel humorloze betekenisloosheid.
Als twee druppels azijn
Er wordt vaak onterecht verondersteld dat lachen om grappen niets anders dan dom vermaak is, en dat een inhoudelijk verhaal alleen maar droog en humorloos kan zijn. Die stelling berust op een onbegrip van satire en wordt misbruikt door types als Van Rossem, die hun gebrek aan inhoud maskeren met hun gebrek aan humor. Het is een leegte gevuld met meer leegte.
Een gewaarschuwd mens telt voor twee en bij deze telt de lezer voor vier, want de vergelijk
ing die over Van Rossem komen gaat, is keihard. En omdat een vergelijking twee kanten op werkt, is een harde vergelijking met Van Rossem dus ook keihard beide kanten op.
Hier heb ik het niet over de nazi-vergelijking die voor de hand ligt op basis van de antisemitische complotten die hij achteloos de wereld in slingert op de dag dat we stilstaan bij de terugkeer van het barbarisme dat we alleen kenden van de nazi’s. Die Godwin heeft hij zelf al over zichzelf gemaakt.
Nee, wij staan op het punt om Van Rossem in één adem te noemen met Marcel Verreck.
De pretbederver
Mocht u beter zijn in tijdig wegzappen dan ik en dus geen flauw benul hebben wie Marcel Verreck is: Marcel Verreck is de enige die lacht om de grappen van Marcel Verreck. Een soort Dolf Jansen, maar dan bij WNL.
Marcel Verreck maakt namelijk veilige grappen, en er is niets zo humorloos als een brave grappenmaker die zorgvuldig door het mijnenveld van gevoelige thema’s navigeert, op zoek naar maatschappelijk irrelevante onderwerpen die als open deuren ingetrapt kunnen worden. Een veilige grap is niet grappig en daarmee is het geen grap.
De potentie tot humor zit hem in lading, dus onderaan de streep is hij een aardig goede detector voor humorloosheid maar een waardeloze cabaretier.
Een pijnlijke stilte
De vergelijking tussen deze twee zit hem niet zozeer in wat ze zeggen, maar met name in de ultiem ongemakkelijke gezichten om hen heen als ze wat zeggen.
In tv-studio’s heeft Maarten van Rossem hetzelfde verlammende effect als Marcel Verreck op iedereen die aan tafel zit: zodra ze hun mond opendoen, schieten de anderen in een ‘oh, ik moet nu snel zo en zo gaan doen want de rest doet het ook, ik heb geen flauw idee waarom, maar ik wil niet buiten de boot vallen’-modus.
Zelf noem ik dat de wegzapmodus, maar over gebrek aan smaak valt niet te twisten. Zeker niet met deze twee.
In het geval van Van Rossem zit iedereen diepzinnig te knikken bij zijn zure gedram, alsof hij iets nieuws vertelt dat het aanhoren waard is, en bij Verreck zit iedereen ongemakkelijk te glimlachen, alsof hij grappig is.
Dat is hoogst opvallend omdat Van Rossem net zo interessant is als Verreck leuk is. En dat is voor beiden geen compliment…
Verstandsverbijserting
Ben ik de enige die dit zo ziet? Zetten mensen die geveinsde gezichten op om er, ondanks dat ze het niet begrijpen, bij te horen, niet wetende dat de rest net zo ongemakkelijk is als zijzelf? Of is het gewoon een pokerface om de irritatie en verveling te verbergen?
Niemand lijkt te weten wat ze tegen Van Rossem kunnen zeggen, uit angst dat zijn fragiele ego je op een nog zuurdere preek trakteert, en daar zit helemaal niemand op te wachten.
Evenmin weet iemand wanneer ze bij Verreck moeten lachen, omdat het niet in te schatten valt wanneer hij een poging tot een grap doet. Glimlachen ze de hele tijd zodat ze de clou niet missen en tegelijkertijd het risico mijden dat ze op het verkeerde moment lachen?
Mijn tip: draai ze om. Ga eens inhoudelijk op Verreck in en trek zelf je conclusies uit het niveau van zijn reactie. En zie Van Rossem gewoon als de clown die hij is, want toegegeven: hij was oprecht best grappig als je hem niet serieus nam. Totdat hij zichzelf te serieus ging nemen.
Om iedereen die nog onzeker is over een sociaal gepaste reactie gerust te stellen: je kunt gewoon normaal doen. Van Rossem is niet slim omdat hij veel irrelevante feitjes verzameld heeft, en Verreck is niet grappig omdat hij onzin uitkraamt.
Of nee wacht, was het andersom?
Een Hollandse tragedie in levenden lijve
De inhoudsloze azijn uit de mond van Van Rossem is net zo zuur, als dat er bitter weinig valt te lachen om wat door moet voor grappen uit de mond van Verreck. Wellicht is dat de grap die ze proberen te maken. Maar het is nog steeds niet grappig.
De val van Van Rossem is een tragedie die alleen maar geëvenaard wordt door de tragedie die Verreck van begin af aan al was. We worden hier geconfronteerd met het Nederlandse equivalent van de Griekse tragedie.
De humorloze leegte van de een is moeilijk te onderscheiden van de inhoudsloze leegte van de ander, en de combinatie ervan komt pijnlijk dicht in de buurt van de breinrot die de absolute leegte van onze tiktokpremier is.
Leger dan leeg
Om positiever te eindigen dan met de vervelende nasmaak van zuur en bitter die Van Rossem en Verreck ons nalaten, zal ik afsluiten met de optimistische invalshoek dat leegte er ook is om met iets beters gevuld te worden. Als we dan toch bezig zijn, laten we de zojuist geschetste leegte aan zowel inhoud als humor die deed denken aan Jetten, aanvullen met de morele leegte van de minister van Jodenhaat, Sjoerdsma, en met die van de Voldemort van de Lage Landen, bij sommigen bekend onder de naam Paternotte.
Laten we kijken of we daar toch niet iets positiefs van kunnen maken. Het liefst gooien we Dolf Jansen er ook nog bij, maar er zijn grenzen, en in dit specifieke geval heet die grens de pH-waarde.
Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik hier niet meer uitkom. Wie wel in staat is om deze leegte op te vullen met humor die niet alleen ergens over gaat, maar zelfs, je zou het niet verwachten, grappig is, is de Nederlandse meester van satire: Hans Teeuwen.
Van een bitterzuur begin naar een bitterzoet einde
Hans Teeuwen had namelijk wel wat te melden over 7 oktober dat het melden waard was. Uitleggen waarom hij gelijk heeft zou de satire doodrelativeren, en humor is juist bedoeld om de macht van azijnpissers als Jetten, Sjoerdsma, Voldemort en Van Rossem mee weg te relativeren.
Daarom laat ik Hans Teeuwen voor zichzelf spreken, zodat humor voor zichzelf kan spreken, en zodat we kunnen eindigen met het koesteren van de waarheid dat zelfs 7 oktober, de zwartste dag sinds die zwarte pagina’s uit onze geschiedenis, de kiem van iets beters in zich draagt, zoals een kleine ster het helderst schijnt in het duister van de nacht. Als we er maar naar willen kijken.
Tot slot mijn min of meer oprechte excuses aan Marcel Verreck dat ik je met die anderen op één hoop gooi en je zo in een politiek conflict betrek dat daadwerkelijk ergens over gaat. Maar hé, nu ben je wel een keer deel van iets dat relevant is, en dat is meer dan we over Van Rossem kunnen zeggen.
De link naar de video van Hans Teeuwen, om mee af te sluiten en de link naar een tweet die erover gaat, met een hoog Geenstijl-niveau.



