Het was gisteren 1 juli, Keti Koti. Ketenen gebroken, vieren sommigen de afschaffing van de slavernij in de Nederlandse koloniën. Mooie woorden, parades, toespraken en herdenkingen. Maar een groeiend aantal mensen vraagt zich af: waarom alleen dit hoofdstuk? Waarom dat selectieve, politiek correcte filter dat alleen de trans-Atlantische slavernij belicht en alle andere, vaak veel gruwelijkere en langdurigere, vormen van slavernij negeert of wegmoffelt? Geert Wilders nam het voortouw met een scherpe vraag die velen al langer stellen: “Wanneer worden eigenlijk al die blanken Europeanen herdacht die door Afrikanen en Arabieren tot slaaf zijn gemaakt? Zolang daarover wordt gezwegen is ook #ketikoti een selectieve en eenzijdige politiek correcte nepherdenking!”
Volstrekt terecht. De Barbarijse zeerovers uit Noord-Afrika haalden eeuwenlang honderdduizenden Europeanen van de kusten van Italië, Spanje, Frankrijk en zelfs Ierland en IJsland. Vrouwen belandden in harems, mannen aan de roeibanken of stierven onder martelingen. Maar daar hoor je weinig over tijdens de officiële Keti Koti-momenten. Het past niet in het narratief.
Nog scherper en feitelijker was ex-moslim Abd (Abèd) Alfarrah op LinkedIn. Hij weigert mee te gaan in de eenzijdige slachtofferrol en schetst het grotere, mondiale plaatje: “Vandaag vieren we in Nederland de afschaffing van de slavernij. Een belangrijk moment, maar het nodigt ook uit om naar het grotere, mondiale plaatje te kijken. Want precies 100 jaar later moesten wij: de moslims de slavernij gedwongen afschaffen, onder enorme druk van het Westen. De laatste slavenmarkt sloot zijn deuren in islamitische landen in 1964!! De geschiedenis laat zien dat slavernij vele gezichten kende. Niet alleen zwarte mensen werden tot slaaf gemaakt; ook westerlingen werden slachtoffer. Vrouwen werden tot seksslaaf gemaakt, verkracht en doorverkocht. Alleen al vanuit Spanje transporteerden moslims binnen een paar jaar tijd meer dan 300.000 vrouwen en meisjes voor deze praktijken. Naar schatting hebben moslims in totaal meer dan 20 miljoen slaven verhandeld. Mannen werden hierbij gecastreerd, een misdaad die 9 van de 10 slachtoffers niet overleefde. Dat betekent dat de werkelijke cijfers waarschijnlijk nog tientallen keren hoger liggen. Als we de geschiedenis van slavernij herdenken, moeten we álle feiten en álle slachtoffers onder ogen durven zien. Pas dan hebben we het complete verhaal.”
Volstrekt juist. Slavernij is een oud kwaad dat door vrijwel alle volkeren en culturen is bedreven. Arabieren, Afrikanen, Ottomanen, Aziaten, niemand heeft schone handen. De islamitische slavenhandel duurde langer, was vaak wreder (denk aan massale castratie van mannen voor de eunuchenmarkten) en kende geen abolitionistische beweging van binnenuit. Die kwam van buitenaf, onder Westerse druk. En toch is dat deel van de geschiedenis taboe in het publieke debat.
Wat mij persoonlijk altijd ontgaat, is wat er precies “goddelijk” of verheven zou zijn aan deze praktijken. Slavernij als instituut is mensonterend, punt. Of het nu om plantages in Suriname gaat, harems in het Midden-Oosten of roeibanken in Algiers. Het complete verhaal vertellen betekent niet bagatelliseren van het Nederlandse aandeel, dat was er en het was fout. Maar het betekent wél stoppen met de eenzijdige schuld- en slachtoffercultus die alleen past in een anti-Westers frame.
Steeds meer Nederlanders zijn dat zat. Ze willen geen nep-herdenking, geen selectieve verontwaardiging en geen geschiedenis als politiek wapen. Ze willen de waarheid: slavernij was universeel, afschaffing was grotendeels een Westerse verworvenheid, en echte bewustwording begint bij het erkennen van álle slachtoffers. Zonder dubbele standaarden.
Dat is pas echte reflectie. Realistisch. En broodnodig.




