Gisteren keek ik naar het coronaverhoor van Hugo de Jonge en dacht: dit kan toch niet waar zijn. De man is geen millimeter opgeschoven. Geen greintje zelfreflectie. Nog steeds die vanzelfsprekende, nietsontziende zelfverzekerdheid van iemand die werkelijk gelooft dat hij het allemaal bij het rechte eind had.
Het meest bizar was hoe denigrerend hij sprak over de “witte jassen”. Die artsen en specialisten die tijdens de crisis op de werkvloer stonden, die waarschuwden voor de bijwerkingen, de lockdowns en de onevenredige schade. Mensen die hun nek uitstaken terwijl De Jonge met zijn vingertje vanuit Den Haag de hele samenleving dichtgooide. Hij sprak over hen alsof het onnozele dwarsliggers waren. Geen respect, geen erkenning, alleen minachting.
Zes jaar na dato. Zes jaar waarin tienduizenden jongeren een verloren schooltijd, mentale problemen en een ontwrichte jeugd hebben opgelopen. Zes jaar waarin kritische wetenschappers, artsen en burgers werden weggezet als wappies, samenzweerders of gevaarlijke idioten. En Hugo de Jonge? Die zit daar nog steeds met dat irritante glimlachje en doet alsof hij nergens spijt van heeft.Geen “het was een lastige tijd, we hebben fouten gemaakt.” Geen “misschien zijn we te ver gegaan met de druk op de samenleving.” Nee. Niets. Nul zelfreflectie.
Het is bijna fascinerend om te zien hoe onaantastbaar deze man zich voelt. Alsof hij immuun is voor kritiek, immuun voor feiten die achteraf anders bleken, immuun voor de ellende die zijn beleid heeft veroorzaakt. De man die zowel de koop- als de huurmarkt finaal naar de klote heeft geholpen. Als minister voor Volkshuisvesting liet Hugo de Jonge de woningmarkt bepaald niet beter achter. De woningbouw bleef achter, starters kwamen nauwelijks aan bod en de huurmarkt raakte verder onder druk. Zijn huurregulering leidde volgens veel marktpartijen tot een forse afname van het aantal particuliere huurwoningen, terwijl de wachtlijsten voor sociale huur hoog bleven en betaalbare huurwoningen schaars waren. Critici stellen dat zijn beleid de problemen eerder heeft vergroot dan opgelost. Voor veel woningzoekenden pakte zijn ministerschap desastreus uit.
En wat krijgt zo’n brokkenpiloot als beloning? Commissaris van de Koning in Zeeland. Een vorstelijke baan, dik salaris en een mooie titel. Arme Zeeuwen. Die mogen nu jarenlang opdraaien voor de carrière van een man die in Den Haag vooral heeft laten zien hoe je met arrogantie en falend beleid toch omhoog valt.
En wat doet de mainstream media? Die ontzien hem al jaren. Zacht in de vragen, begripvol in de toon, nooit echt doordringend. Alsof het een brave jongen is die zijn best deed in moeilijke tijden. Terwijl een gewone Nederlander die zulk beleid had gevoerd allang van het toneel geveegd zou zijn.
Hugo de Jonge, de man die 5,1 miljard euro is kwijtgeraakt, is het levende bewijs dat in de Nederlandse politiek niet competentie of nederigheid beloond wordt, maar loyaliteit aan het systeem en een dikke huid. Hij is het gezicht van een elite die nooit verantwoordelijkheid neemt, nooit sorry zegt en altijd gelijk heeft, ook als de feiten allang iets anders laten zien.
En wij, burgers, mogen het allemaal blijven slikken. Tot de volgende crisis. Dan komt hij weer opdraven. Met hetzelfde glimlachje.



