De Amerikaanse president Donald Trump denkt dat hij dit weekend een “geweldige overeenkomst” met Iran kan tekenen. Hij spreekt vol vertrouwen over een deal die er aan zit te komen, met instemming van de Iraanse opperste leider Mojtaba Khamenei. Vicepresident JD Vance zou erbij zijn, de ondertekening waarschijnlijk in Europa, en meteen daarna zou de Straat van Hormuz weer open gaan. Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn. En dat is het ook.
Wie ook maar een beetje de geschiedenis van het Iraanse regime kent, weet één ding: met deze beesten maak je geen afspraken die langer standhouden dan de inkt droog is. Het ayatollah-regime is geen normale staat met normale belangen. Het is een apocalyptische theocratie die liegt, bedriegt en tijd rekt tot het weer sterk genoeg is om toe te slaan. Trump geeft ze nu precies wat ze nodig hebben: een adempauze.
Terwijl de wereld naar de onderhandelingstafel kijkt, gaat het Iraanse kernprogramma ondergronds gewoon door. De verrijking stopt niet omdat er een handtekening wordt gezet in een Europees paleis. De raketprogramma’s worden niet stilgelegd. De proxy-milities in Libanon, Jemen, Irak en in de Gazastrook krijgen gewoon weer zuurstof. En ondertussen kan het regime zich herpakken, bewapenen en de volgende ronde voorbereiden.
Dit is geen deal. Dit is uitstel van executie, letterlijk voor de vele Iraniërs die nog durven dromen van vrijheid. En juist dáár zit de grootste tragedie. Het Iraanse volk. De mensen die in 2022 massaal de straat opgingen na de dood van Mahsa Amini. De vrouwen die hun hoofddoek verbrandden. De jongeren die “Vrouw, Leven, Vrijheid” scandeerden terwijl ze kogels riskeerden. Hun hoop op een echte regime change, op steun van het Westen, op het moment dat de ayatollahs zwak genoeg zouden zijn, is nu weer verder vervlogen.
In plaats van maximale druk uit te oefenen op een regime dat economisch aan de rand van de afgrond balanceert, kiest Trump voor de illusie van een “geweldige deal”. Alsof Khamenei jr. en consorten zich plotseling aan westerse handdrukken en papier zullen houden. Alsof dit regime niet al decennia lang precies hetzelfde patroon volgt: onderhandelen, tijd rekken, verrijken, aanvallen, ontkennen, herhalen.
Het Iraanse staatspersbureau Fars meldt intussen voorzichtig dat de kans op een akkoord “relatief groot” is omdat de Amerikanen het Iraanse conceptvoorstel hebben geaccepteerd. Dat zegt genoeg. Wanneer Teheran tevreden is, weet je dat Washington te veel heeft weggegeven.
Trump heeft in het verleden terecht gewezen op de gevaren van het Obama-deal en de zwakte van Biden. Maar naïviteit is naïviteit, of ze nu van links of van rechts komt. Een regime dat “Dood aan Amerika” blijft scanderen, dat Israël wil vernietigen en dat zijn eigen bevolking onderdrukt met middeleeuwse wreedheid, verandert niet omdat er een Amerikaanse president even wil scoren met een diplomatiek succesverhaal.
De tirannie van de ayatollahs wordt alleen maar sterker door dit soort deals. Het Iraanse volk betaalt de prijs. En de rest van de regio, van de Golfstaten tot Israël, mag straks weer de brokstukken opruimen als de volgende ronde begint.
Realistisch reflecteren betekent hier maar één conclusie: dit is geen vrede. Dit is een gevaarlijke illusie. En de geschiedenis zal ons, helaas, weer gelijk geven.




