Christendemocratische partijen doen het al lang zeer slecht in de verkiezingen. Ze zijn definitief hun dominante positie kwijt. Is dat erg? Nee, het is een zegen.
Christendemocratische partijen gaan er graag prat op dat zij vooral na de Tweede Wereldoorlog zijn opgekomen voor ‘de menselijke waardigheid’. Het is aantoonbare onzin. Christelijke partijen kapen dit narratief. Hun bijdrage was dwarsliggen. Ze menen dat zij voorvechters zijn van het gezin als hoeksteen van de samenleving. Ook dat is onwaar; de pastoor wilde méér kinderen, tot veler ‘ongenoegen’ to say the least. Dat het gezin hieraan onderdoor ging kon ze niets schelen. Ze claimen dat ze ‘opkomen voor vrouwenrechten’. Onwaar. Het was het marxisme dat hier een essentiële rol heeft gespeeld. De verzorgingsstaat en sociale zekerheid is door sociaaldemocraten vormgegeven met christendemocraten in de bijwagen. Gechargeerd: als het aan christenen had gelegen hadden we nu nog de Inquisitie gehad. Christelijke partijen hebben het over “christelijke waarden”. Dat hebben we geweten, nederigheid, empathie en barmhartigheid. Daarmee willen deze bedriegers politiek bedrijven. We hebben niets aan de christendemocratie te danken, maar wel de immigratie ellende.
Christelijke praatjes
Het is de hoogste tijd dat we ons niet meer deze praatjes laten aanleunen. Gelukkig doorzien de mensen in het land deze leugens, want deze partijen glijden weg in de mist van de vergetelheid. We zijn volwassen geworden.
Frits Bosch
Auteur van onder andere Links Verdriet (2025), De wereld volgens Ayn Rand (2025) en Opzoek naar een nieuwe Europese orde (2026)




