Het is weer een treurig staaltje van de staat van ons bestuur. In een debat over cultuur en onderwijs kan PVV-Kamerlid Martin Bosma het niet laten: hij roept de D66-minister van OCW, Rianne Letschert, ter verantwoording omdat ze de Nederlandse taal verhaspelt met “irriteert aan”. Een basisfout die je een brugklasser zou aanrekenen, maar die blijkbaar acceptabel is voor iemand die nota bene over onze cultuur en taal gaat.
Bosma twitterde er sarcastisch achteraan: „Sorry. Ik was even van Taalpolitie. Maar een minister van cultuur die zo onze taal verhaspelt…” Heel goed. Want dit is geen onschuldig slippertje. Dit is kenmerkend. Een minister die de taal niet beheerst, beheert ook de rest niet. Laten we eerlijk zijn: dit is kinderlijke prietpraat van de allerlaagste orde. Een bestuurder “irriteert zich aan” iets? Nee. Een bestuurder constateert problemen, benoemt consequenties van beleid en neemt verantwoordelijkheid. Maar in Den Haag is het blijkbaar mode om te praten alsof je een influencer bent die even “zich ergert aan” de boze burger. De deur in huis vallen mag, de deur eruit lopen ook zolang het maar lekker woke en ontspannen klinkt.
Deze minister verhaspelt niet alleen zinnen, ze verkwanselt ook beleid. Onder D66-bewind is het onderwijs al jaren een puinhoop, de cultuursector een linkse subsidiemoloch en de Nederlandse identiteit iets waar je je vooral voor moet schamen. Taal is de drager van een cultuur. Als een minister van Cultuur de basis van die taal niet eens fatsoenlijk spreekt, wat zegt dat dan over de rest?
Bosma heeft groot gelijk dat hij dit aan de kaak stelt. Het is geen muggenzifterij, het is een symptoom van dieper verval. Terwijl Nederland kampt met laaggeletterdheid, taalachterstand op scholen en een complete identiteitscrisis, zit er iemand op het ministerie die zelf de taal niet in de vingers heeft. Dat is niet alleen gênant, het is symbool voor een hele generatie bestuurders die meer bezig zijn met gevoelens dan met feiten, meer met inclusie dan met excellentie, en meer met internationale prietpraat dan met het behoud van ons eigen erfgoed.
Dit land wordt bestuurd door mensen die onze taal, onze cultuur en onze waarden niet serieus nemen. Martin Bosma mag gerust vaker Taalpolitie spelen. Want als de minister van OCW het zelf niet doet, wie moet het dan doen? De Nederlandse taal is geen speelbal. Het is ons gemeenschappelijk bezit. Tijd dat Den Haag dat eindelijk eens gaat respecteren in algemeen beschaafd Nederlands.




