Vandaag weer een hoofdredactioneel commentaar in het NRC dat de haren te berge doet rijzen. Onder de kop Dronesteun aan Oekraïne geeft Nederland uniek inzicht in de oorlog van de toekomst viert de krant de Nederlandse miljardeninvestering in Oekraïense drones als een strategisch meesterzet. Nederland levert bijna een miljoen drones, bijna 900 miljoen euro aan steun, en volgens Kiev zorgt dat voor een derde van alle Russische slachtoffers aan het front. De Nederlandse krijgsmacht en defensie-industrie trekken daar “elke dag waardevolle lessen” uit.
Hoogleraar financiële geografie Ewald Engelen vatte het op X perfect samen: “Hoofdredactioneel commentaar: geen oproep tot #vrede, #diplomatie en #bezinning maar lofzang op #wapens #moord en #oorlog gedrenkt in overduidelijke #bloeddorst… ongelooflijk…” En hij heeft gelijk. Dit is geen journalistiek. Dit is propaganda met een militair tintje. Terwijl Europa elke dag dichter bij een escalatie balanceert die niemand kan winnen zonder catastrofale gevolgen, reduceert het NRC een bloedige, uitzichtloze oorlog tot een proeftuin voor de Nederlandse krijgsmacht. Tegenstanders van verdere militaire betrokkenheid of van onbeperkte steun aan Oekraïne hebben alle reden om hier woedend over te zijn. Hieronder de kern van hun bezwaren en waarom die volkomen terecht zijn.
Oorlog als leerschool voor de BV Nederland
Het meest stuitende is de framing van deze oorlog als een unieke kans op militaire kennis. Dagelijks sterven er honderden mensen, Oekraïners én Russen, en het NRC presenteert dat als een voordeel: “De Nederlandse krijgsmacht en de groeiende defensie-industrie trekken elke dag waardevolle Oekraïense lessen uit de oorlog.” Critici wijzen terecht op het cynisme. Een conflict dat al meer dan twee jaar duurt en tienduizenden levens heeft gekost, wordt hier neergezet als een soort gratis militaire R&D (militair onderzoek en ontwikkeling red.) voor Den Haag en de Nederlandse wapenindustrie. Alsof de doden en verminkten louter statistieken zijn die ons helpen bij de “oorlog van de toekomst”. De nadruk ligt niet op het stoppen van het bloedvergieten, maar op wat Nederland eraan overhoudt. Dat is geen realisme. Dat is moreel failliet.
Normalisering van oorlog als nuttig fenomeen
Door te stellen dat Nederland “profiteert” van de oorlog, in de vorm van inzichten, ervaring en een sterker defensiecomplex, wordt oorlog genormaliseerd. Het wordt een investering. Een business case. Een leerproces waar we uiteindelijk sterker uit komen.
Dat is precies waar veel critici bang voor zijn: de drempel om in toekomstige conflicten te stappen wordt lager. Als oorlog ook “waardevol” is voor onszelf, waarom dan nog aarzelen bij de volgende? De realiteit is anders. Oorlogen escaleren vaak onbedoeld, kosten fortuinen, vernietigen economieën en laten generaties getraumatiseerd achter. Een “inzicht in de oorlog van de toekomst” is geen troost als die toekomst er een is van wederzijdse vernietiging.
Meer militaire betrokkenheid als vanzelfsprekend goed
Het artikel suggereert impliciet dat wapenleveranties niet alleen Oekraïne helpen, maar Nederland tegelijkertijd militair sterker maken. Dat klinkt op papier logisch, maar het is een klassiek argument voor escalatie. Meer steun → meer lessen → meer uitgaven → diepere betrokkenheid. Tegenstanders zien hierin een sluipende legitimatie voor een permanente verhoging van de defensiebegroting en een verdere militarisering van de Europese politiek. Terwijl de echte vraag zou moeten zijn: hoe beëindigen we dit conflict voordat het uit de hand loopt? In plaats daarvan krijgen we een lofzang op drones die “alles wat Russisch is vernietigen” in een bepaalde zone. Dat is geen defensie. Dat is actieve deelname aan een uitputtingsoorlog.
Volledige afwezigheid van diplomatie
Misschien wel het meest schrijnende: in het hele stuk is geen woord te vinden over onderhandelingen, een staakt-het-vuren of een diplomatieke uitweg. Terwijl iedereen die de geschiedenis kent, weet dat de meeste oorlogen uiteindelijk aan de onderhandelingstafel eindigen en dat uitstel van die tafel vaak duizenden extra doden kost.
Het NRC kiest ervoor om alleen naar de militaire “winst” te kijken. Geen reflectie op de risico’s van escalatie, geen aandacht voor de nucleaire dreiging die steeds luider wordt, geen pleidooi voor bezinning. Alleen: meer drones, meer lessen, meer betrokkenheid. Dat is geen hoofdredactioneel commentaar in een kwaliteitskrant. Dat is oorlogsretoriek.
Morele bezwaren: mensen als data
En dan het morele punt. Terwijl voor Oekraïners en Russen dit een menselijke tragedie van ongekende omvang is, gezinnen uit elkaar gerukt, steden verwoest, generaties getekend, reduceert het NRC het tot een leerervaring voor Nederland. “Uniek inzicht in de oorlog van de toekomst.” Alsof de slachtoffers louter proefkonijnen zijn voor onze krijgsmacht.
Dat raakt een diepe morele snaar bij velen. Je kunt vinden dat Oekraïne het recht heeft zich te verdedigen (en dat is een legitieme positie), maar dat rechtvaardigt nog niet dat Nederlandse media deze oorlog framen als een kans voor onszelf. De menselijke prijs wordt weggerationaliseerd achter woorden als “inzicht” en “lessen”. Dat is niet alleen koud, het is gevaarlijk. Het maakt oorlog acceptabeler.
Realisme in plaats van bloeddorst
De critici van dit soort stukken hebben gelijk. Dit past in een breder patroon van mainstream media die Europa slaapwandelend richting een conflict duwen dat niemand kan winnen zonder catastrofale gevolgen. In plaats van te pleiten voor de-escalatie, diplomatie en een realistische inschatting van de risico’s (inclusief nucleair), kiezen ze voor de lofzang op wapens en “militaire innovatie”.
Realisme betekent niet naïef pacifisme. Realisme betekent erkennen dat oorlogen eindig zijn, dat onderhandelen onvermijdelijk is, en dat het eindeloze oppompen van de militaire machine Europa uiteindelijk armer, onveiliger en meer verdeeld maakt. Het betekent ook dat we ons niet moeten laten meeslepen door media die dagelijks doden omzetten in “waardevolle lessen” voor onszelf.
Ewald Engelen heeft het bij het rechte eind. Dit hoofdredactioneel commentaar is geen analyse. Het is een symptoom van een media-elite die de oorlog niet langer als tragedie ziet, maar als kans. En dat is precies waarom zoveel mensen boos zijn en waarom die boosheid gerechtvaardigd is.
Vrede is geen zwakte. Het is de enige realistische uitweg uit een conflict dat anders alleen maar erger kan worden. Alles wat daarvan afleidt, inclusief dit soort opruiende stukken, verdient scherpe kritiek. En die kritiek zal Realistische Reflecties blijven geven.




